Beeldkwaliteitplan

Uit AgriWiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Een gemeente kan als aanvulling op een bestemmingsplan of een welstandsnota een beeldkwaliteitplan opstellen. Zo’n plan bestaat uit een samenhangend pakket van aanbevelingen en/of richtlijnen voor het versterken van de ruimtelijke kwaliteit in een bepaald gebied. Het beeldkwaliteitplan is vooral een communicatiemiddel in de planvorming. Het heeft geen juridische status, maar dit verandert als het wordt gekoppeld aan een welstandsnota of een bestemmingsplan. Voor het behoud van cultuurhistorische en landschappelijke waarden in het landelijke gebied is de opstelling van een beeldkwaliteitplan belangrijk. Zo kunnen niet passende plannen voor nieuwbouw in het buitengebied worden bijgestuurd. Dat is van belang in een gebied met een karakteristiek landschap. Er zijn nog maar weinig beeldkwaliteitplannen voor het landelijk gebied. Voor gemeenten die zich actief willen opstellen voor het behoud van cultuurhistorische waarden is een goed beeldkwaliteitplan een essentieel hulpmiddel. Erfgoedorganisaties kunnen er bij gemeenten op aandringen om een beeldkwaliteitplan op te stellen.

Een voorbeeld uit het beeldkwaliteitplan ’s Gravenpolder van de gemeente Borsele

De gemeente Borsele heeft een beeldkwaliteitsplan opgesteld dat, ‘An den Diek’ heet. Hierin wordt wordt sterk de nadruk gelegd op de vormgeving van de Haagdijk. De Haagdijk vormt met haar opgaande bomenrij en brede, groene voet een beeldbepalend element voor de zuidrand van ’s-Gravenpolder en tevens de beëindiging van de bebouwde kom. In dit indicatieve beeldkwaliteitplan geeft de gemeente haar visie weer op de toekomstige ontwikkelingen van dit gebied. De ontwikkeling van de overgang tussen de dorpsrand en het landelijk gebied wordt hier zorgvuldig gestuurd.

Bron

De tekst is gebaseerd op:

  • Ineke Visser, e.a., Boerderij in Perspectief, handvatten voor Herbestemming (Alblasserdam 2007) p.14, 18

Links

Verder lezen

  • Ineke Visser, e.a., Boerderij in Perspectief, handvatten voor Herbestemming (Alblasserdam 2007) p.18