Strodokken

Uit AgriWiki
Ga naar: navigatie, zoeken
Het vervaardigen en toepassen van strodokken onder een dak. Bron: Prooije, L.A. van, De vakleu en et vak, Boerderijbouw in Oost-Gelderland vanaf de eeuwwisseling tot ca. 1940, Vaktermen en werkwijze, SHBO Arnhem 1984, pag. 93.

Bij de bouw van een boerderij of schuur was de dokkenmaker vroeger een onmisbare vakman. Strodokken waren nodig om daken met Oudhollandse dakpannen goed af te dichten tegen tocht en om het binnen waaien van stuifsneeuw en slagwater te voorkomen.

Ambacht

In steden en dorpen werden pannendaken vanouds aangesmeerd met mortel van kalk en zand. Bij de boer daarentegen bleven strodokken in zwang. De grondstof was immers voorhanden. Tegenwoordig worden dokken nog gebruikt bij restauraties en voor panden of gebouwen die in oude stijl worden opgetrokken. Het is dan ook maar goed, dat er nog steeds mensen zijn die de kunst van het maken en leggen van dokken verstaan.

Zeldzaam

Zo'n vakman is de 75-jarige Harry Mensink uit Agelo bij Ootmarsum. Hij leerde het vak van zijn vader, die naast zijn boerderijtje het maken van dokken als bijverdienste had. Het noordelijk deel van Twente is rijk aan historische boerderijen en panden. Zodoende is er voor Harry nog altijd voldoende emplooi. Staatsbosbeheer doet ook regelmatig een beroep op hem waardoor hij diverse daken van strodokken heeft voorzien. Dokkenmakers zijn niet alleen zeldzaam geworden, het wordt ook steeds moeilijker om aan goed stro te komen. Het stro moet met de hand gemaaid en gedorst worden. Bij machinaal dorsen worden de strohalmen in elkaar gedrukt, terwijl ze juist heel en op volle lengte moeten blijven.

Handwerk

Door rogge met de zicht te maaien en met de stok te dorsen is de dokkenmaker verzekerd van een goede kwaliteit stro. Harry Mensink weet precies hoe het in z'n werk gaat. De ouderwets gebonden roggeschoven worden eerst aan hokken van tien garven op de akker gedroogd. Daarna wordt de rogge uitgespreid en met de dorsvlegel bewerkt. Om de halmen recht te leggen en de losse stukjes te verwijderen wordt het stro gekamd. Vroeger gebeurde dat door twee personen, waarbij de één de bos stro vasthield en de ander de greep hanteerde. Om het werkje alleen te kunnen doen vond Mensink de oplossing door een greep zonder steel op een blok vast te zetten.

Dokken maken en leggen

Het maken van de dokken gaat als volgt. Een bundel strohalmen wordt dubbel gebogen en met enkele losse halmen (een strowisje) en een speciale knoop bijeengebonden. Vervolgens wordt de dok op de gewenste lengte afgesneden, de helft van de panlengte (30 tot 35 cm). De dokken worden gelegd door telkens twee rijen pannen weg te nemen en onder elke pan een strodak aan te brengen. Elke dok steekt ongeveer 1,5 cm onder de pan uit. "Stro dat onder de pan uitsteekt gaat rotten waardoor er mos op gaat groeien", zegt Harry Mensink. "Dat zorgt voor een uitstekende dichting én het zorgt ervoor dat de pan stil ligt en bij wind niet te veel wiebelt." Harry: "Behalve dat dokken nuttig zijn, geven ze het dak ook schoonheid. Een ouderwets gedokt dak is een lust voor het oog." Het stro dat overblijft voert Mensink aan de twee paarden, die hij van tijd tot tijd nog voor de ploeg spant.

Bron

De tekst is gebaseerd op:

  • 'Dak met Strodokken. Een Lust voor het Oog', Landleven 2e jaargang nummer 1- januari/februari 1997

Links

Verder lezen